Het accountantsberoep in verandering

Niet elke verandering is een verbetering
Deze uitdrukking geldt als een open deur, maar gaat in mijn ogen wel op voor de door de politiek voorgestelde wijzigingen voor het accountantsberoep. Helaas heeft het accountantsberoep de wetswijzigingen over zichzelf afgeroepen. Uitspraken in het FD van Berry Wammes, directeur NBA, ten spijt worden wij geconfronteerd met een duidelijk standpunt van de politiek ten aanzien van de verplichte accountantswissel en het niet mogen combineren van controle en advies. Het is intussen zover gekomen dat wij aanzienlijk worden beperkt in onze bewegingsvrijheid.

Hoe heeft het zover kunnen komen?
Die vraag is eigenlijk vrij eenvoudig te beantwoorden. Accountants zijn steeds meer verkopers van uren geworden en steeds minder beoefenaars van een mooi beroep. In de sector gaat het over verdienmodellen en over het fenomeen ‘niet gedocumenteerd in niet gecontroleerd’. Kantoren willen zoveel mogelijk omzet generen via zoveel mogelijk kanalen: ook wel hebzucht genoemd. Grote, maar ook middelgrote en kleine accountantsorganisaties halen hun omzet voor de helft of meer uit andere activiteiten dan hun primaire rol: controleren van jaarrekeningen. De controle is te vaak vooral een mooie brug om lucratieve adviesdiensten te kunnen verkopen. Dat leidt tot het vermoeden dat sommige kantoren controleopdrachten aanbieden voor minder uren dan nodig, immers via het verdienmodel krijgt men ook marge binnen via de andere beroepsgroepen.

De politiek neemt ten aanzien van het accountantsberoep een standpunt in!
Op basis van de beeldvorming, berichtgeving AFM, schandalen van de afgelopen jaren in de private én de publieke sector en het feit dat de accountant niet overtuigend kan uitleggen waarom wat mis ging is ons beroep in diskrediet geraakt. Dat heeft in de politiek de vraag doen stellen: hoe komt het dat die accountant zo slecht functioneert? Komt dat door een gebrek aan onafhankelijkheid en ongezonde financiële prikkels?

Schijn en werkelijkheid
We hebben als beroep intussen de schijn tegen. Naast het beeld dat men heeft gevormd van de accountant: het vertrouwen in de accountant is ver te zoeken, is er nog het fenomeen van het adagium ‘niet gedocumenteerd is niet gecontroleerd’. Met dit adagium is de AFM 5 jaar geleden op pad gegaan en dat heeft zijn effect. Bij alle accountantsorganisaties die een vergunning hebben van de AFM loopt men het risico dat de dossiervorming als doel verheven is en niet meer wordt gezien als middel. Om die reden moeten alle accountantsorganisaties met vergunning een cursus volgen om het professioneel kritisch gehalte weer op peil te brengen. Helaas is dat nodig en helaas wordt er geen verband gelegd tussen de regels zijn regels mentaliteit die is ontstaan ten koste van een professionele uitoefening van het mooie beroep dat wij hebben.

Hoe nu verder?
Mogelijk ontstaat er een kans om het beroep weer in ere te herstellen. Als accountantsorganisaties zich weer primair richten op de onafhankelijke controle met daarbij het onvermijdelijke en gewenste professionele onbetwiste deskundige natuurlijke advies, met het daarbij behorende gedrag, dan ontstaan er wellicht weer mogelijkheden. Vooral het deskundig adviseren naar aanleiding van de controle is waar we naar toe moeten. Daarbij de gedachte van ‘leven en laten leven’ en ‘gun een ander ook wat’ er voor kan zorgen dat de gedrevenheid naar inkomen afneemt ten gunste van een deskundige beroepsuitoefening.

Peter Kasteleyn

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *